Overdag gaat het al maanden goed. Geen enkel ongelukje meer. En toch is het bed elke ochtend nat, en begint je kind zich er langzaam voor te schamen.
Overdag droog en 's nachts droog zijn twee compleet verschillende dingen. Ze hebben minder met elkaar te maken dan iedereen denkt.
Waarom 's nachts later komt
Overdag droog worden is leren: je voelt de aandrang en je gaat naar de wc. Dat kun je oefenen.
's Nachts droog worden is ríjping. Er moeten twee dingen kloppen waar je kind geen invloed op heeft. Ten eerste moet het lichaam 's nachts genoeg antidiuretisch hormoon aanmaken, waardoor de nieren minder urine produceren. Ten tweede moet het brein het signaal van een volle blaas kunnen oppikken tijdens diepe slaap.
Beide komen vanzelf, op hun eigen moment. Oefenen helpt niet, net zomin als je kunt oefenen om langer te worden.
Je kind plast niet in bed uit luiheid. Het slaapt gewoon te diep om wakker te worden van een signaal dat het niet eens goed doorkrijgt.
Wat normaal is
- Op 4 jaar: ongeveer een op de vier kinderen is 's nachts nog niet droog.
- Op 5 jaar: ongeveer een op de zes.
- Op 7 jaar: ongeveer een op de tien.
- Op 10 jaar: nog altijd zo'n vijf procent.
Het is bovendien sterk erfelijk. Als jij of je partner lang in bed heeft geplast, is de kans groot dat je kind dat ook doet — en dat het rond dezelfde leeftijd stopt. Vraag het je ouders; het is een verrassend nuttig gesprek.
Wat je doet in de tussentijd
- Blijf de luierbroekjes gebruiken zolang het nodig is. Ze houden niets tegen. Een kind dat elke ochtend in een nat bed wakker wordt, gaat er alleen slechter over denken.
- Leg een molton en een tweede laken vast klaar. Verschonen om drie uur 's nachts moet in twee minuten kunnen.
- Laat overdag genoeg drinken. Beperken in de avond helpt nauwelijks; ruim drinken overdag traint de blaas juist.
- Wc-ritueel voor het slapen, als vast onderdeel van de routine.
- Doe niet dramatisch bij een nat bed. Geen zucht, geen blik. "Kom, we verschonen even" en klaar.
- Nooit straffen, nooit belonen. Je kind heeft er geen controle over, dus beide zijn oneerlijk — en een beloningssysteem maakt het falen alleen zichtbaarder.
Wanneer je met de huisarts gaat praten
Bespreek het als:
- Je kind ouder dan vijf is en jullie er allebei last van hebben — dat is genoeg reden.
- Je kind al maanden droog wás en opeens weer begint. Dat kan wijzen op een blaasontsteking, obstipatie, diabetes of spanning.
- Er ook overdag ongelukjes zijn, of pijn bij het plassen.
- Je kind veel drinkt en veel plast.
- Er sprake is van snurken of hoorbaar zwaar ademen 's nachts.
Er bestaan goede behandelingen, waaronder een plaswekker die in veel gevallen werkt, en soms medicatie voor bijzondere gelegenheden zoals een logeerpartij. Je hoeft niet af te wachten tot het vanzelf overgaat als het jullie leven bepaalt.
Bescherm vooral één ding: dat je kind zich er niet voor gaat schamen. De schaamte doet meer schade dan het natte bed.
Praat er thuis luchtig over, en laat het niet iets zijn dat geheim moet blijven voor broertjes en zusjes. Bijna elk kind heeft het gehad.